EuropaFrankrijk

Natuurlijk is het paleis van Versailles, met al zijn goud, spiegels en schilderijen, prachtig om te zien. Jaarlijks komen er ruim 13 miljoen bezoekers op af. Nog eens zeven miljoen toeristen komen helemaal niet om de badkamer van Louis de XIV te bekijken, maar om de wijdse tuinen, die rondom het kasteel liggen, te zien. Mijn reisgenoten en ik waren drie dagen in Versailles – op slechts één ervan hebben we het kasteel bezocht. De rest van de tijd hadden we nodig voor de tuinen. 

 

Ongekende luxe in het paleis, indrukwekkende tuinen rond het paleis: het Versailles van de Zonnekoning

 

 

De fonteinen van Versailles

De tuinen zijn in twee stukken gedeeld: een betalend en een gratis deel. In het betalende deel ligt een doolhof van struiken en staan er tientallen beelden van mythologische figuren. Wie hier rond loopt, waant zich een edele uit de tijd van de Zonnekoning, die de tuin in is gegaan om even wat frisse lucht in te ademen. Het verhaal gaat immers dat de gangen van het paleis enorm stonken! In de perken staan massa’s bloemen, waarvan bekend is dat er jaarlijks 210.000 nieuwe bijgeplant worden.

Op vrijdagen en zaterdagen staan de fonteinen aan, een spektakel dat begeleid wordt door muziek. Let wel goed op dat het een dag is dat álle fonteinen in werking zijn. Er zijn ook dagen waarop er slechts drie aanstaan. Dan mis je niet alleen een waar waterspektakel, maar ook het zogenaamde Le bosquet des Bains d’Apollon. Daarin staat mijn favoriete kunstwerk, niet alleen van de tuin, maar van heel Versailles: Le bassin d’Apollon, ofwel het bad van Apollo.

 

Het paleispark

Het gratis gedeelte van de paleistuinen is enorm en wordt door de bewoners van Versailles gebruikt als park. Het is perfect voor wie lange wandelingen wil maken. Mensen zoals ik, die dat liever niet doen, kunnen Le grand Trianon, Le petit Trianon of Le Hameau de la Reine, het speeldorpje van Marie-Antoinette, gaan bekijken. Deze drie bouwwerken werden gebruikt door de koningen en koninginnen die weg wilden van de verstikkende regels in het centrale paleis. Sommigen van deze royals kwamen zelfs nauwelijks nog in het paleis, iets waar de ‘gewone’ edelen niet zo blij mee waren. Zij konden immers niet zomaar even weglopen van de strenge etiquette. In Le grand Trianon worden vooral dure kunstwerken, meubels en schandelijke verhalen tentoongesteld, net zoals in het grote paleis. In de andere twee paviljoenen krijg je een kijkje in het bijzondere leven van Marie-Antoinette.

 

Moderne gemakken

Wie echt geen zin heeft om te lopen, kan zich met een treintje door de hele tuin laten rijden. Hier heb ik zelf met mijn luie benen graag gebruik van gemaakt. Er is ook geen tekort aan plekken om souvenirs te kopen, van borden met de Zonnekoning erop tot thee die de naam van Marie-Antoinette draagt. In de tuinen zijn minstens vier winkeltjes te vinden en waarschijnlijk zelfs wel meer want drie dagen is eigenlijk nog te kort om het hele park te zien. De oude vorsten zouden er trots op zijn dat hun naam nog altijd veel aanzien (en inkomsten) wekt. Of het wel zo moreel verantwoord is om prullaria te kopen met het gezicht van absolutistische vorsten, is iets wat je even compleet vergeet.

 

Het is onmogelijk om alles in de tuinen op te noemen. Wie er ooit heen gaat en iets ontdekt wat niet genoemd is in dit stuk, is welkom om er zelf iets over te schrijven. Waarschijnlijk zal het over totaal andere bezienswaardigheden en wonderen van Versailles gaan.

 

Zin gekregen in meer cultuur? Dan vind je hier extra inspiratie: Kopenhagen en Rome.

Is Frankrijk ook jouw nr. 1 vakantieland? Laat het ons weten en stuur een gastblog naar Ik wil Reizen.